Hoe je je website online zet

Als je een website hebt gemaakt, wil je dat die voor iedereen bereikbaar is. Gelukkig krijg je dat in een paar stappen voor elkaar. Allereerst heb je een domeinnaam nodig en een hosting, oftewel een server. Voor beide is TransIP een handige tip: betrouwbaar en goedkoop.

FTP-programma FileZilla

Als je registratie is voltooid, bij TransIP of bij een andere aanbieder, krijg je altijd jouw persoonlijke hostinggegevens aangeleverd. Met deze gegevens kun je zelf inloggen op jouw toegewezen server. Dit doe je met een FTP-programma. FileZilla is zo’n programma, en kun je gratis downloaden.

Inloggen met je eigen gegevens

Bovenaan FileZilla moet je de host, gebruikersnaam (username) en wachtwoord (password) invullen. Het veld ‘Port’ kun je leeglaten. Zoals gezegd heb je de gegevens die je hier moet invullen waarschijnlijk gekregen toen je je registreerde. Zo niet, neem dan even contact op met de desbetreffende klantenservice – ze weten precies wat je nodig hebt.

Het juiste mapje vinden

Als je de host (een meercijferige code met puntjes ertussen), gebruikersnaam en wachtwoord hebt ingevuld, log je in en zie je rechtsonder de bestanden op je server verschijnen. Klik even rond in de mapjes, en al snel kom je de domeinnaam tegen die je hebt gekocht. Waarschijnlijk zit daarbinnenin het mapje ‘public_html’, of iets wat daarop lijkt, en als je daarop klikt, zit je goed.

De bestanden uploaden

In dit mapje kun je de bestanden zetten die jouw website moeten gaan vormen. Denk eraan dat je de homepage, de indexpagina, direct in deze map zet, en niet in een nieuwe map, zodat je homepage te vinden is op jouwdomeinnaam.nl, en niet op jouwdomeinnaam.nl/mapjetwee. De rest spreekt voor zich. Zolang er nog geen bezoekers zijn, kun je het een en ander uitproberen. Iedere keer als je een aanpassing maakt op je server, zie je die terug op je website.

Je kunt dit artikel gemakkelijk printen, mailen of delen